Tik-tik-tik wie ben ik?

Gepubliceerd op 23 juli 2026 om 02:49

'Wie raakt mij aan?'

N a.v. Lucas 8:26-28

Gisteren was 'de Bijbeltekst van de dag':

"Maar Jezus zei: 'Iemand heeft Mij aangeraakt, want Ik heb kracht uit Mij voelen wegstromen.' Toen het de vrouw duidelijk werd dat haar aanraking niet onopgemerkt was gebleven, kwam ze trillend naar voren, viel voor Hem neer en legde ten overstaan van de hele menigte uit waarom ze Hem had aangeraakt en hoe ze meteen was genezen. Hij zei tegen haar: 'Uw geloof heeft u gered; ga in vrede.'"

 

Toen ik deze tekst las, bleef ik direct haken bij één zin die Jezus uitspreekt: "Ik heb kracht uit Mij voelen wegstromen." Jezus, Die zoveel mensen helpt en liefheeft, de onuitputtelijke Bron van liefde. Hoe kan dat?

 

In de hulpverlening kennen we allemaal ontmoetingen die energie geven en ontmoetingen die energie kosten. Sommige gesprekken laten je geïnspireerd achter. Na andere gesprekken voel je je juist leeg en uitgeput.

 

Mijn eerste gedachte was daarom: zou hier ook zoiets gebeuren? Kost deze genezing Jezus werkelijk kracht? Die gedachte voelde direct niet goed. Ze deed geen recht aan Wie Jezus is.

 

Die vraag liet mij niet los. Waar het schuurt, ontstaat bij mij de drang om te onderzoeken. Daarom ben ik de tekst gaan bestuderen. Niet alleen in de Nederlandse vertaling, maar ook in de Griekse grondtekst. Juist toen ontdekte ik dat Lucas hier het woord dýnamis gebruikt. Dat betekent niet simpelweg "energie", alsof Jezus lichamelijk leegloopt. Het verwijst naar Gods werkzame kracht, de kracht waardoor wonderen en genezingen plaatsvinden. Jezus merkt dat die goddelijke kracht door Hem heen werkzaam is geweest.

 

Niet iedereen in de menigte beseft op dat moment dat Jezus de Messias is. Velen zien Hem als een rabbi, een profeet of een wonderdoener. Ook de vrouw spreekt Hem niet expliciet aan als de Messias. Toch handelt zij vanuit een diep vertrouwen dat juist Hij haar kan redden en genezen. Lucas zegt niet met zoveel woorden dat zij Hem als de Messias belijdt. Wat hij wel laat zien, is dat in Jezus Gods werkzame kracht zichtbaar wordt. 

 

Juist door deze genezing openbaart Jezus steeds meer Wie Hij werkelijk is: in Hem is Gods kracht werkzaam. Maar daarmee diende zich direct een nieuwe vraag aan, waarom vraagt Jezus vervolgens naar de bekende weg: "Wie heeft Mij aangeraakt?"

 

Die vraag deed mij denken aan een spelletje dat we vroeger op school speelden. Iemand zit met de ogen dicht op de grond. Een ander sluipt zachtjes naar hem toe, tikt hem op de rug en zegt met een vervormd stemmetje: "Tik, tik, tik... wie ben ik?" Weet hij het goed, dan worden de rollen omgedraaid. Weet hij het niet, dan komt de volgende. Opnieuw klinkt het: "Tik, tik, tik... wie ben ik?"

 

Toen ik Jezus hoorde zeggen: "Wie heeft Mij aangeraakt?", moest ik heel even aan dat spelletje denken. 

 

Maar Jezus' vraag lijkt niet bedoeld om informatie te verkrijgen, maar om de vrouw uit haar verborgenheid naar voren te roepen. Zoals zo vaak in de evangeliën stelt Jezus een vraag waardoor de ander naar voren wordt geroepen. Zijn vragen zijn niet bedoeld omdat Hij iets niet weet, maar omdat de mens iets mag ontdekken.

 

Jeroen wees mij op nog een bijzonder detail. Deze vrouw is volgens de reinheidswetten cultisch onrein. Door zich tussen de menigte te begeven en Jezus aan te raken, overschrijdt zij de gebruikelijke grenzen die men rondom die reinheidswetten hanteerde. Het is daarom goed te begrijpen waarom zij, zodra zij merkt dat zij ontdekt is, trillend naar voren komt. Ze heeft niet alleen ontzag voor Jezus, maar zal waarschijnlijk ook bang zijn voor de reactie van de omstanders.

 

Toch komt zij naar voren. Ze kent het risico. Toch kiest zij ervoor zich niet langer te verbergen. Haar geloof is sterker dan haar angst. Dat is een patroon dat je vaker in de Bijbel ziet.

Rachab, Ruth, Maria en de weduwe van Sarefat zijn heel verschillende vrouwen, maar zij hebben iets gemeen. Zij laten zich uiteindelijk niet leiden door de publieke opinie, maar door hun vertrouwen op God. Hun geloof vraagt moed. Niet de afwezigheid van angst, maar de bereidheid om ondanks die angst gehoor te geven aan Gods roepstem.

 

Jezus' vraag is dus niet bedoeld om te ontdekken wie Hem heeft aangeraakt. Zijn vraag legt juist het verschil bloot tussen de menigte en deze ene vrouw. Velen raken Jezus lichamelijk aan. Ze lopen met Hem mee, ze drukken tegen Hem aan. Maar slechts één vrouw raakt Hem in geloof.

 

Dat is het verschil tussen lichamelijke nabijheid en gelovige overgave. De menigte zoekt misschien een wonder of een bijzondere rabbi. De vrouw zoekt Jezus Zelf. Zij strekt zich in geloof naar Hem uit, overtuigd dat zelfs de zoom van Zijn mantel voldoende is. Dat verlangen onderscheidt haar van alle anderen.

 

Misschien is dat wel de kern van deze geschiedenis. Jezus zegt niet: "Uw aanraking heeft u genezen." Hij zegt ook niet: "De zoom van Mijn mantel heeft u genezen." Nee, Hij wijst haar geloof aan als het beslissende element: "Dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede."

 

Dochter, precies die erkenning, herstelt haar plaats in de gemeenschap. Naast het famiiare woord, wijst het woord 'geloof' in het antwoord van Jezus, op de bron van haar behoud. Want niet haar aanwezigheid of aanraking op zichzelf hebben een aanraking gegeven. Nee, haar geloof richt zich volledig op Christus, en Christus alleen is Degene Die geneest en behoudt.

 

Misschien is Lucas 8 wel heel treffend. Zovelen stonden dicht bij Jezus, dromden om hem heen leken zo nauw verbonden. Maar slechts één vrouw strekte zich in geloof naar Hem uit. De vrouw waar de menigte van had bepaald dat ze er niet bijhoorde. Blijkt Hem werkelijk aan te raken en zelfs Zijn kind te zijn.

 

Daarom eindigt deze tekst niet met de vraag: "Wie heeft Mij aangeraakt?", maar met de belijdenis van Jezus Zelf:"Dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede." Wat een erkenning en troost.


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.