Herstel van geloofsgemeenschap

Gepubliceerd op 23 februari 2026 om 15:07

Sneeuw kan zwaar zijn

BLOEIEN
In de krant stond een verhaal over mensen onder een lawine. Over hoe zwaar sneeuw kan drukken.

 

Dat is niet het beeld dat wij bij sneeuw hebben.
Wij denken aan kristallen.
Aan stilte.
Maagdelijk wit.
Onschuld.
Aan een landschap dat zacht wordt toegedekt.
Sneeuw heeft niet de bedoeling te verstikken.
Ze wil bedekken.
Zoals een mantel bedekt.
Zoals liefde bedekt.

 

Maar wanneer er te veel valt,
wanneer het gewicht zich opstapelt,
kan wat bedoeld was als bescherming
benauwen. Zo is het soms ook in geloofsgemeenschappen. Als bestuurslid van de SEM weet ik dat er verhalen zijn waarin het tussen mensen die samen willen geloven niet goed gaat. Een gemeenschap of christelijke samenwerking die bedoeld was als mantel van liefde als plaats van beschutting, waar je in een bedding van genade Gods liefde samen viert.
Waar wij belijden dat Jezus stierf en wederopstond en dat de Heilige Geest over ons is uitgestort. Waar wij zoeken samen het aangezicht van God.

 

Gaat het soms mis.
Woorden stapelen zich op.
Regels.
Verwachtingen.
Vormen.
Wat begon als bescherming
wordt dan onadembare geloofsdruk.
Voor je tot God mag komen,
voor je bij de gemeenschap mag horen,
moet je eerst dit,
eerst dat,
eerst voldoende bewijzen dat je gelovig bent.
En krijgen mensen het gevoel
dat zij niet genoeg voldoen
om door Hem geliefd te zijn.

 

Maar God hééft ons lief.
Niet omdat wij voldoen.
Niet omdat wij bewijzen leveren.
Niet omdat wij alles goed doen.
Hij heeft ons lief.
Eerst.
Onvoorwaardelijk.

 

Vanuit die liefde mogen wij geloven.
Niet om liefde te verdienen, maar omdat wij haar ontvangen. Geloof uitoefenen wordt soms in een gemeenschap onbedoeld een last,
terwijl het een schuilplaats bedoeld was te zijn.
En toch zijn er heel veel gemeenten die floreren in samenzijn en zien we dat gemeenschappen helen.

 

Het is eigenlijk logisch: Zijn liefde groeit door, vaak uit het oog onttrokken,
zoals onder de sneeuw sneeuwklokjes groeien.
Juist onder die bedekking.
Juist in de kou.
Ze lijken teer,
maar ze zijn krachtig.
Niet omdat ze de sneeuw bevechten,
maar omdat ze zich richten op wat erboven komt.
Licht.
Ruimte.

 

Wanneer liefde doorschijnt,
smelt wat te zwaar werd.
En dan staan ze daar ineens,
klingelend in de wind.

 

Zo heelt God ook gemeenten
en is Hij helend in christelijke samenwerkingen.
Niet om te leven met verwijt, maar om samen vooruit te leven in genade. Verzoening en vergeving.

 

Hij verwijdert niet alles wat bedekt,
maar Hij neemt het gewicht weg.
Hij herstelt de bedoeling.

 

Want liefde bedekt,
maar verstikt niet:
zij nodigt uit.

 

Geloven is geen opeenstapeling van eisen.
Het is geborgenheid.
Het is dankbaarheid.

 

Net als een sneeuwklokje
bloei je het best wanneer je samen staat. Vrijheid van de ziel vinden wij
wanneer wij wortelen in Jezus’ handen
en ons hoofd richten naar het Licht,
dicht bij elkaar.

 

Onder Zijn mantel vinden wij voeding.
Waar Zijn licht doorbreekt,
bloeit wat onder druk verborgen lag.
Daar vermeerdert geloof.
Daar worden nieuwe mensen aangetrokken.
Daar wordt een gemeenschap van binnenuit geheeld.
Daar kan het bloeien,
omdat wij samen
onderdeel zijn
van Zijn levende lichaam.
Zijn genade ontfermt zich over ons hart.
Daar mogen wij op vertrouwen.


Reactie plaatsen

Reacties

Anoniem
een maand geleden

Precies daarom prediken wij wedergeboorte en genade. Amen zuster!